ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ7688
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- P.J.J. Vonk
- H.A.J. Kroon
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake heffingsrente bij teruggaaf algemene heffingskorting zonder aangifte
Belanghebbende ontving in 2005 een voorlopige teruggaaf van de algemene heffingskorting zonder zelf aangifte te doen. De Inspecteur legde later een definitieve aanslag op waarbij een deel van deze teruggaaf werd teruggenomen en heffingsrente werd berekend. De rechtbank vernietigde de aanslag en matigde de heffingsrente.
In hoger beroep stelde de Inspecteur dat het arrest van de Hoge Raad van 25 september 2009 niet van toepassing was omdat belanghebbende geen aangifte had gedaan. Het hof overwoog dat de voorlopige teruggaaf was verleend zonder aangifte en dat de aanslag mede gebaseerd was op de aangifte van de fiscale partner. Het hof oordeelde dat de Inspecteur niet onzorgvuldig had gehandeld en dat het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde.
Het hof bevestigde dat de Belastingdienst niet verplicht is om gegevens van fiscale partners automatisch te koppelen bij voorlopige aanslagen. Ook werd het massale karakter van de terugvorderingsprocedure als rechtvaardiging voor het late opleggen van de definitieve aanslag aanvaard. Het hof verklaarde het hoger beroep van de Inspecteur gegrond en het incidenteel hoger beroep van belanghebbende ongegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en bevestigde de uitspraak op bezwaar.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep van de Inspecteur gegrond en bevestigt de heffingsrente en terugvordering van de voorlopige teruggaaf.