ECLI:NL:GHSGR:2011:BR1212
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt cumulatieve toepassing vrijstellingen energiebelasting metallurgische procédés en grootverbruik
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had bezwaar gemaakt tegen de door de Inspecteur vastgestelde teruggaaf van energiebelasting over 2005. De Inspecteur kende een gedeeltelijke teruggaaf toe, waarbij eerst de vrijstelling voor metallurgische procédés (art. 36k lid 3 Wbm) werd toegepast en daarna de vrijstelling voor grootverbruikers (art. 36q Wbm). De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde deze volgorde.
In hoger beroep betoogde belanghebbende dat beide vrijstellingen naast elkaar volledig toegepast moeten kunnen worden zonder rangorde, omdat de wetstekst en systematiek dit niet uitsluiten. De Inspecteur stelde dat eerst de specifieke vrijstelling (art. 36k) moet worden toegepast en daarna de algemene (art. 36q), waardoor de specifieke vrijstelling in dit geval niet tot volledige toepassing komt.
Het Hof oordeelde dat de systematiek van de Wbm geen rangorde voorschrijft en dat de memorie van toelichting de cumulatie van vrijstellingen niet uitsluit. De wijziging per 2008 die de toepassing beperkte, is niet van toepassing op het geschiljaar 2005. Het Hof stelde vast dat het totale elektriciteitsverbruik dat kwalificeert voor de metallurgische vrijstelling hoger is dan door de Inspecteur erkend, waardoor belanghebbende recht heeft op een hogere teruggaaf.
Het Hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank en de uitspraak op bezwaar, wijzigde de beschikking en bepaalde de teruggaaf op € 73.805. Tevens veroordeelde het Hof de Inspecteur in de proceskosten en bepaalde vergoeding van griffierecht. Beide partijen kunnen binnen zes weken cassatieberoep instellen.
Uitkomst: Het Gerechtshof wijzigt de beschikking en kent een teruggaaf energiebelasting toe van € 73.805.