ECLI:NL:GHSGR:2011:BU8275
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen beschikking tot tenuitvoerlegging van buitenlandse arbitrale vonnissen afgewezen
In deze civiele procedure stond het hoger beroep centraal tegen een beschikking van de voorzieningenrechter Rotterdam die twee Engelse arbitrale vonnissen erkende en toestemming gaf tot tenuitvoerlegging in Nederland. De appellant betwistte deze beschikking en voerde onder meer aan dat het appelverbod tegen toewijzende beschikkingen in strijd zou zijn met artikel 6 EVRM Pro.
Het hof oordeelde dat het appelverbod voortvloeit uit het Verdrag van New York en de Nederlandse procesregels, waarbij hoger beroep alleen openstaat tegen afwijzende beschikkingen. Dit appelverbod is niet in strijd met artikel 6 EVRM Pro, omdat de appellant de arbitrale vonnissen in het Verenigd Koninkrijk kon aanvechten via vernietiging of herroeping, conform de Arbitration Act 1996.
Voorts wees het hof het betoog af dat de EEX-Verordening van toepassing zou zijn op de erkenning van de Hongaarse exequaturbeslissing die het verlof tot tenuitvoerlegging had geweigerd. De EEX-Verordening is niet van toepassing op arbitrageprocedures. Ook het beroep op het Allianz/West Tankers-arrest faalde omdat dat arrest betrekking heeft op situaties binnen de werkingssfeer van de EEX-Verordening.
Het hof concludeerde dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is en verwierp het beroep. De appellant werd veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak bevestigt de beperkte mogelijkheden tot hoger beroep tegen toewijzende beschikkingen tot tenuitvoerlegging van buitenlandse arbitrale vonnissen in Nederland.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de toewijzende beschikking tot tenuitvoerlegging van de Engelse arbitrale vonnissen wordt verworpen wegens appelverbod.