ECLI:NL:GHSGR:2012:BX0759
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over aansprakelijkheid en ontbinding bij schilderwerkzaamheden aan woning
Op 31 juli 2007 gaf de vader van appellant opdracht aan geïntimeerde voor onderhouds- en schilderwerkzaamheden aan een woning uit 1920. Tijdens reinigingswerkzaamheden in juni 2008 werd het voegwerk beschadigd, waarna appellant de overeenkomst ontbond en schadevergoeding vorderde.
De rechtbank wees de vordering van appellant af en kende de reconventionele vordering van geïntimeerde toe. Appellant stelde in hoger beroep dat geïntimeerde onrechtmatig handelde door een verkeerde reinigingsmethode te gebruiken, namelijk een hoge drukspuit in plaats van de olivine zandmethode.
Het hof oordeelde dat de schade aan het voegwerk gezien de staat van de woning en het onderhoudsgebrek niet voldoende is om een tekortkoming aan te nemen. Het rapport van Stadsbehoud gaf slechts aan dat de olivine zandmethode minder schade zou kunnen veroorzaken, maar zonder concrete onderbouwing van de mate van schadebeperking. Bovendien was geïntimeerde nooit in verzuim gesteld.
Ook de stelling dat appellant de overeenkomst rechtsgeldig had opgezegd en recht had op vermindering van de aanneemsom faalde wegens onvoldoende onderbouwing van besparingen. Het hof bekrachtigde het vonnis en veroordeelde appellant in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vordering van appellant af wegens onvoldoende bewijs van tekortkoming en verzuim.