ECLI:NL:GHSGR:2012:BY6540
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging erfdienstbaarheid van weg ondanks verjaring en beperking parkeerrecht
In deze zaak staat de erfdienstbaarheid van weg uit 1972 centraal, waarbij appellant het recht wil behouden om over perceel IV te gaan en te parkeren. De kantonrechter had geoordeeld dat de erfdienstbaarheid ten gunste van perceel VI door vermenging was komen te vervallen en verbood parkeren door appellant en haar bezoekers op perceel IV.
Het hof stelt vast dat de erfdienstbaarheid niet is vervallen door de splitsing van perceel VI en ook niet door verjaring, omdat het huidige BW het tenietgaan door non usus niet kent en er geen belemmeringen zijn die de uitoefening verhinderen. Wel is het recht beperkt waar het gaat om het verwijderen van hek en haag die sinds 1966 aanwezig zijn en niet zonder medewerking van geïntimeerde kunnen worden verwijderd.
Het hof wijst de vorderingen van geïntimeerde tot opheffing van de erfdienstbaarheid af wegens het ontbreken van onvoorziene omstandigheden of redelijk belang. De parkeerverbod wordt beperkt tot appellant en haar gezinsleden, omdat appellant niet de feitelijke of juridische macht heeft om het parkeren van derden te verbieden.
Het bestreden vonnis wordt vernietigd, de erfdienstbaarheid wordt bevestigd met de genoemde beperking, de kosten van eerste aanleg worden ieder voor eigen rekening gelaten, en geïntimeerde wordt veroordeeld in de kosten van hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bevestigt het voortbestaan van de erfdienstbaarheid met beperkingen en beperkt het parkeerrecht tot appellant en haar gezinsleden.