ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ5727
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over WOZ-waarde en vergoeding taxatiekosten vrijstaande woning
Belanghebbende is eigenaar van een vrijstaande woning met aanbouw en berging, gelegen op een perceel van 864 m², waarvan een deel uit water en een recht van overpad bestaat. De Inspecteur stelde de WOZ-waarde voor het jaar 2011 vast op €585.000, later bij bezwaar verlaagd naar €513.000. De rechtbank stelde de waarde vervolgens vast op €489.000 en wees proceskosten toe aan belanghebbende.
Belanghebbende ging in hoger beroep tegen deze uitspraak en vorderde een verdere verlaging van de waarde tot €430.000 of €463.000 en vergoeding van taxatiekosten van €285,60. De Inspecteur handhaafde de rechtbankuitspraak. Het hof oordeelde dat noch belanghebbende noch de Inspecteur hun waardes voldoende aannemelijk hadden gemaakt en stelde de waarde in goede justitie vast op €465.000.
Daarnaast oordeelde het hof dat het taxatierapport van belanghebbende niet zonder meer kon worden uitgesloten vanwege het 'no cure no pay'-principe, mits sprake is van objectieve deskundigheid. Het hof veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van proceskosten in bezwaar en beroep, inclusief een deel van de taxatiekosten, en tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op €465.000 en de Inspecteur wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en taxatiekosten.