ECLI:NL:GHSGR:2012:CA1130
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Lückers
- Van Kempen
- Mink
- Rechtspraak.nl
Ambtshalve toepassing dwangsombepaling bij begeleide omgangsregeling tussen ouder en minderjarige
In deze zaak staat de omgang tussen de vader en de minderjarige centraal. Het hof verwijst partijen naar Bureau Jeugdzorg Zuid-Holland voor het verkrijgen van een indicatie voor begeleide omgang en bepaalt dat de omgang via het omgangshuis in Dordrecht moet plaatsvinden. De moeder moet de minderjarige voorafgaand aan elk contact brengen en na afloop ophalen.
De moeder weigerde mee te werken aan de begeleide omgang via het Rotterdams Omgangshuis vanwege bezwaren tegen de contractuele voorwaarden, de afstand en financiële redenen. Het hof overweegt dat het belang van het kind voorop staat en dat het contact zo spoedig mogelijk onder begeleiding moet plaatsvinden.
Daarom legt het hof ambtshalve een dwangsom op van €250 per keer dat de moeder niet meewerkt aan de omgang, met een maximum van €10.000. Deze dwangsom is gebaseerd op wettelijke bepalingen en ministeriële nota’s die het gebruik van dwangmiddelen bij omgangsregelingen mogelijk maken.
Het hof houdt de zaak pro forma aan tot 30 juni 2012 en beveelt Bureau Jeugdzorg te rapporteren over het verloop van de omgangsbegeleiding. Partijen moeten aangeven of een nadere mondelinge behandeling gewenst is of dat de zaak schriftelijk kan worden afgedaan.
Uitkomst: Het hof verwijst partijen naar het omgangshuis in Dordrecht en legt een dwangsom op aan de moeder bij niet-naleving van de omgangsregeling.