ECLI:NL:GHSHE:2001:AB0729
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Hof stelt waarde onroerende zaak in nalatenschap vast na geschil over successiewaarde
In deze bestuursrechtelijke zaak stond de waardering van een perceel grond, onderdeel van een nalatenschap, centraal. Belanghebbenden betwistten de door de Inspecteur vastgestelde waarde van fl. 1.100.000,= en stelden een lagere waarde voor op basis van het vertrouwens- en gelijkheidsbeginsel.
Het Hof stelde vast dat op de overlijdensdatum het perceel bebouwd mocht worden, maar dat nog kosten en tijd nodig waren om de bouwplannen definitief te maken. De taxatie van de Inspecteur werd als uitgangspunt genomen, maar verminderd met de kosten voor rechtsbijstand, ontsluitingsweg, pachtafkoop, geluid- en bodemonderzoek en terrein schoning.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de situatie van belanghebbenden niet vergelijkbaar was met die van andere erfgenamen. Ook het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat geen sprake was van gewekt vertrouwen door de fiscus.
De waarde van het perceel werd vastgesteld op fl. 969.100,= en de aanslagen van de erfgenamen dienovereenkomstig verminderd. Het Hof veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten en bepaalde dat het door belanghebbenden betaalde griffierecht werd vergoed.
Uitkomst: Waarde perceel vastgesteld op fl. 969.100,= met matiging van aanslagen successierecht en vergoeding van proceskosten.