ECLI:NL:GHSHE:2003:AH9714
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Navordering zelfstandigen- en startersaftrek wegens voorwaardelijke opzet en kwade trouw
In deze bestuursrechtelijke zaak stond centraal of de Inspecteur terecht een navorderingsaanslag oplegde over het jaar 1996 wegens onterechte zelfstandigen- en startersaftrek. De belanghebbende, een belastingadviseur, had uitstel gekregen voor het indienen van zijn aangifte, maar diende deze uiteindelijk met een fout in: het onterecht claimen van de aftrek.
Tijdens het onderzoek bleek dat de belanghebbende een tijdverantwoording bijhield waaruit bleek dat hij niet voldeed aan het urencriterium voor de aftrek. Ondanks dat de Inspecteur het boekenonderzoek nog niet had afgerond en de uitkomst van een renseignement aan het GAK nog niet bekend was bij het opleggen van de primitieve aanslag, oordeelde het hof dat de belanghebbende zich bewust was van de aanmerkelijke kans op een onjuiste aangifte.
De belanghebbende stelde dat het een fout was zonder opzet, veroorzaakt door omstandigheden zoals werkverplaatsing en tijdsdruk. Het hof verwierp dit en stelde vast dat sprake was van voorwaardelijke opzet en kwade trouw. Hierdoor was navordering op grond van artikel 16 AWR Pro gerechtvaardigd. Het beroep van de belanghebbende werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de navorderingsaanslag wegens kwade trouw van de belanghebbende.