ECLI:NL:GHSHE:2003:AK3814
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.W. van der Voort
- J. Swinkels
- C. van Raad
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing rente-inkomsten en toepassing woonplaatsfictie in grenssituatie Nederland-België
Belanghebbende, een Nederlandse staatsburger die sinds 1998 in België woont, was in 1999 werkzaam als ambtenaar in Nederland en genoot loon en rente-inkomsten uit Nederland. De Inspecteur legde een aanslag op waarbij rente-inkomsten werden belast volgens artikel 11, § 2, van het belastingverdrag tussen Nederland en België, met een tarief van tien procent.
Belanghebbende voerde beroep aan tegen de aanslag, stellende dat de belasting niet correct was berekend en dat hij mocht vertrouwen op een lagere heffing. Hij stelde ook dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat hij anders werd belast dan een vergelijkbare in België wonende directeur-grootaandeelhouder.
Het hof oordeelde dat Nederland gerechtigd is de rente-inkomsten te belasten na toepassing van de rentevrijstelling en dat de woonplaatsfictie in de Nederlandse wet geen afbreuk doet aan de heffingsbevoegdheid zoals bepaald in het verdrag. Het beroep op het vertrouwensbeginsel en het gelijkheidsbeginsel faalden. Wel werd de aanslag verminderd omdat de belastingvrije som evenredig moest worden toegerekend, wat resulteerde in een lagere belasting over de rente-inkomsten.
Het hof vernietigde de bestreden uitspraak, stelde de aanslag lager vast en veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten. Het griffierecht werd aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: Het hof vermindert de aanslag inkomstenbelasting tot fl. 26.248,= en veroordeelt de Inspecteur in de proceskosten.