ECLI:NL:GHSHE:2007:BB3111
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.J. van Muijen
- A. Bijlsma
- G.D. van Norden
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ondernemerschap voor naheffingsaanslag omzetbelasting over 1998-2000
Belanghebbende was in de jaren 1998 tot en met 2000 als ondernemer aangemerkt voor de omzetbelasting, waarbij hij teruggaven ontving voor diverse zakelijke uitgaven. De Inspecteur legde echter een naheffingsaanslag op omdat twijfel bestond over het ondernemerschap in die periode.
Na vernietiging van een eerdere uitspraak door de Hoge Raad werd de zaak terugverwezen naar het hof te 's-Hertogenbosch. Het hof heeft vastgesteld dat het begrip bedrijf in de Wet op de omzetbelasting 1968 gelijk moet worden gesteld aan het begrip economische activiteiten zoals in de Europese richtlijn is omschreven.
Belanghebbende heeft onvoldoende objectieve gegevens overgelegd waaruit blijkt dat de uitgaven waren gedaan met het oogmerk economische activiteiten te verrichten. Hierdoor is het beroep ongegrond verklaard en is de naheffingsaanslag gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de naheffingsaanslag omzetbelasting is ongegrond verklaard.