ECLI:NL:GHSHE:2007:BW4831
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.W. de Ruijter
- C.H.W.M. Sterk
- A.R.O. Mooy
- Rechtspraak.nl
Geen straf voor verblijf in Nederland als ongewenst vreemdeling onder overmachtsomstandigheden
Verdachte, geboren in Kongo Kinshasa, verbleef op 9 mei 2006 in Nederland terwijl hij wist dat hij als ongewenst vreemdeling was verklaard en Nederland moest verlaten. Hij werd veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden door de politierechter. In hoger beroep betoogde zijn advocaat dat sprake was van overmacht omdat verdachte Nederland niet op legale wijze kon verlaten zonder eigen schuld.
Het hof oordeelde dat het Openbaar Ministerie ontvankelijk was in de vervolging en dat verdachte het ten laste gelegde feit had begaan. Wel stelde het hof vast dat verdachte onvoldoende initiatief had genomen om Nederland zelfstandig te verlaten en dat het niet aannemelijk was dat geen enkel ander land verdachte toegang of opvang zou verlenen.
Gezien de omstandigheden waaronder het strafbare feit is gepleegd, waaronder de dreiging van schending van artikel 3 EVRM Pro bij uitzetting naar het land van herkomst, acht het hof het billijk om geen straf of maatregel op te leggen. Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij van straf.
Uitkomst: Het hof legt geen straf of maatregel op en vernietigt het eerdere vonnis.