ECLI:NL:GHSHE:2008:BF8521
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.M.W.M. van den Elzen
- N.J.L.M. Tuijn
- T.E. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Bewijsuitsluiting wegens onrechtmatige staandehouding en fouillering zonder redelijk vermoeden van schuld
Verdachte werd verdacht van het bezit van circa 5,88 gram cocaïne. De politie hield verdachte staande en voerde een fouillering uit op basis van een briefing waarin werd vermeld dat verdachte mogelijk handelde in verdovende middelen. Het hof oordeelde echter dat deze enkele omstandigheid onvoldoende was voor een redelijk vermoeden van schuld zoals vereist onder artikel 27 Sv Pro.
Daardoor was de staandehouding en het lichamelijk onderzoek onrechtmatig. Hoewel sprake was van een onherstelbaar vormverzuim, leidde dit niet tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie, omdat geen sprake was van een ernstige schending van de procesorde met grove veronachtzaming van verdachtes belangen.
De bewijsmiddelen die door het onrechtmatige optreden waren verkregen, werden uitgesloten. Het hof kon op basis van de overige bewijzen niet overtuigend vaststellen dat verdachte het ten laste gelegde feit had begaan en sprak hem vrij.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht door verdachte vrij te spreken van het bezit van cocaïne.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens bewijsuitsluiting na onrechtmatige staandehouding en fouillering zonder redelijk vermoeden van schuld.