ECLI:NL:GHSHE:2008:BH0218
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- R.J. Koopman
- N. van Beelen
- A.J. van Soelen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake zakelijkheid huurovereenkomst en afwaardering vordering binnen fiscale eenheid
Belanghebbende, een fiscale eenheid bestaande uit een moedermaatschappij en drie dochters, waaronder A en C, voerde hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank en een aanslag vennootschapsbelasting over 2002. De kern van het geschil betrof de zakelijkheid van een huurovereenkomst tussen A en C en de waardering van de vordering van A op C.
De huurovereenkomst, schriftelijk vastgelegd en ingegaan per 1 maart 2001, betrof een bedrijfsruimte die A huurde en vervolgens onderverhuurde aan C. C bleef huurpenningen schuldig, waardoor A een vordering had afgewaardeerd. De inspecteur betwistte de zakelijkheid van deze huurovereenkomst en corrigeerde de afwaardering.
Het hof oordeelde dat ondanks het feit dat alle huurtermijnen in 2001 onbetaald bleven, dit niet leidde tot een onzakelijke verhouding. De enkelvoudige jaarrekeningen toonden aan dat het eigen vermogen van C ultimo 2001 voldoende was om haar schulden te voldoen. De inspecteur maakte niet aannemelijk dat de bedrijfswaarde van de vordering lager was dan de nominale waarde. Het hof verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraken van rechtbank en inspecteur en verminderde de aanslag naar een belastbaar bedrag van €7.852.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep gegrond en vermindert de aanslag vennootschapsbelasting naar €7.852.