ECLI:NL:GHSHE:2009:BI9584
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- H. Eijsenga
- F.L. Muskens
- T.A. de Roos
- Rechtspraak.nl
Wettelijke conversie van voorwaardelijke jeugddetentie naar gevangenisstraf en niet-ontvankelijkheid OM
De veroordeelde kreeg bij vonnis van de rechtbank een voorwaardelijke jeugddetentie van zes maanden opgelegd. Het hof heeft bij arrest de tenuitvoerlegging van deze straf gelast, waarbij de veroordeelde inmiddels de leeftijd van achttien jaar had bereikt.
De advocaat-generaal verzocht het hof om de voorwaardelijke jeugddetentie te vervangen door een gevangenisstraf van gelijke duur, omdat de veroordeelde meerderjarig was op het moment van tenuitvoerlegging. Zowel de advocaat-generaal als de veroordeelde achtten deze vervanging gewenst.
Het hof oordeelde dat sinds de wetswijziging van 26 maart 2008 artikel 77dd lid 3 Sr voorziet in een wettelijke conversie van voorwaardelijke jeugddetentie naar gevangenisstraf zodra de veroordeelde meerderjarig is bij tenuitvoerlegging. Hierdoor is een aparte vordering van het openbaar ministerie niet vereist en is het OM niet-ontvankelijk in zijn verzoek.
Het hof benadrukte dat de rechter bij het gelasten van tenuitvoerlegging kan bepalen of de straf als jeugddetentie of gevangenisstraf wordt uitgevoerd, en dat het systeem van wettelijke conversie praktische voordelen biedt en onnodige belasting van de rechterlijke macht voorkomt.
De beslissing van het hof is dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk wordt verklaard in zijn vordering tot vervanging van de voorwaardelijke jeugddetentie door gevangenisstraf.
Uitkomst: Het hof verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vordering tot vervanging van voorwaardelijke jeugddetentie door gevangenisstraf.