Uitspraak
eiser in het incident ex artikel 351 Rv Pro,
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknummer/rolnummer: 195896/HA ZA 08-1820
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
“(…) De rechtbank
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak gaat het om een incident betreffende de schorsing van de tenuitvoerlegging van een vonnis van de rechtbank Breda van 12 augustus 2009. De appellant vordert dat de executie van het vonnis wordt geschorst, omdat de garantieverplichting van Leyakkers inzake het aanbrengen van kijkgeleiding aan het woon-zorgcomplex Bergvenne volgens hem een inbreuk maakt op zijn privacy.
De rechtbank had eerder geoordeeld dat de garantieverplichting niet ongewijzigd in stand kan blijven, maar dat Leyakkers wel een vorm van afscheiding moet ontwerpen en aanbrengen die zowel het woongenot van bewoners als de privacy van appellant zoveel mogelijk respecteert. Het vonnis verklaarde de artikelen 1, 2 en 3 van de overeenkomst buiten toepassing en veroordeelde appellant in de proceskosten.
Het hof overweegt dat een verklaring voor recht niet uitvoerbaar bij voorraad kan worden verklaard en dat de schorsingsvordering daarom bij gebrek aan belang moet worden afgewezen. Ook de proceskostenveroordeling kan ten uitvoer worden gelegd, maar appellant heeft geen gronden aangevoerd voor schorsing hiervan. De vordering wordt derhalve afgewezen en appellant wordt veroordeeld in de kosten van het incident. De hoofdzaak wordt aangehouden voor memorie van grieven.
Uitkomst: De vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis wordt afgewezen en appellant wordt veroordeeld in de kosten van het incident.