Uitspraak
GERECHTSHOF ‘s-HERTOGENBOSCH
voorheen geheten WOONSTICHTING LEYAKKERS,
8 Het arrest van 26 januari 2010
9 Het vervolg van de procedure
10.De gronden van het hoger beroep
11.De beoordeling
Leyakkers draagt zorg voor het aanbrengen van kijkgeleiding aan het dichtst bij [pand] gelegen bouwblok (blok D), zodanig dat bewoners c.q. bezoekers vanuit het bouwblok over de bovenste drie bouwlagen géén zicht hebben op het terras van voormeld adres te [woonplaats]. Leyakkers garandeert dat de privacy van de heer [appellant] hiermee is gewaarborgd en dat deze kijkgeleiding niet (door bewoners of andere derden) zal worden verplaatst of weggehaald.”
Desgewenst kan de heer [appellant] bij de montage en bij dan wel kort voor de oplevering aanwezig zijn om zich te vergewissen van het feit dat de feitelijke plaatsing van de kijkgeleiding voor voldoende bescherming van zijn privacy zorgt.”
Als bijlage bij deze overeenkomst is een schetsontwerp van de architect gevoegd, dat als uitgangspunt geldt voor de aan te brengen kijkgeleiding.”
Partijen doen afstand van het recht deze overeenkomst te ontbinden.”
Ik, (..) ben hier 1 okt komen wonen, gezien mijn beperking die ik al had voordat ik hier kwam wonen, is mij ook het zicht naar buiten ontnomen. (..) Mijn medebewoner Dhr. [bewoner 2.] zegt het volgende hiervan, ik vind het erg tegenvallen en vind mijn slaapkamer net een gevangenis als ik in bed kig. Ik heb het gevoel dat ik opgesloten lig. (..) Ik snap echt niet dat dit zo maar kan. Hier hadden ze eerder over na moeten denken.”
“(..) het [is] altijd donker in het trappenhuis. Door de afgeplakte ramen hebben wij, bewoners, geen uitzicht naar buiten waardoor je een opgesloten gevoel krijgt.”
men ervaart “dat hout” voor de ramen als een gevangenis.”
“(..) deel ik u mede dat zowel mijn echtgenote (..) als ikzelf de zogenaamde “kijkgeleidingen” op ons balkon uiterst frustrerend vinden. Driekwart van ons balkon is geheel voor ons geblokkeerd en ontoegankelijk gemaakt door de kijkgeleiders. (..) Mijn 78-jarige echtgenote ondervindt daarvan ernstige psychische klachten, door het claustrofobisch gevoel opgesloten te zijn in eigen huis. (..) In dat contract[tussen Leyakkers en [appellant], hof]
zou ook zijn vastgelegd dat toekomstige bewoners van het in aanbouw zijnde Bergvenne-complex niet tot verwijdering van de kijkgeleiders mochten overgaan. Maar Leyakkers had verzuimd (vergeten) de aantredende bewoners bekend te maken met deze toezegging aan [appellant]. (..)”
tussen partijenals gevolg van een overeenkomst geldende regel niet van toepassing is, voor zover dit in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn. Dat betekent in dit geval dat de onaanvaardbaarheid gelegen moet zijn in een tussen de beide contractspartijen, [appellant] en Leyakkers, opgekomen (c.q. bestaande) situatie en dat hier niet aan de orde is een rechtstreekse botsing tussen de woonbelangen van de bewoners van het complex en het recht op privacy van [appellant]. De omstandigheid dat Leyakkers vanwege de aangebrachte kijkgeleiding problemen krijgt met haar huurders (vergelijk bijvoorbeeld de in r.o. 11.1.6 onder d weergegeven brief), dan wel klachten ontvangt van haar huurders, is in beginsel in de contractuele verhouding tussen [appellant] en Leyakkers onvoldoende grond voor de onaanvaardbaarheid van een tussen Leyakkers en [appellant] overeengekomen bepaling.
Leyakkers garandeert dat (..) deze kijkgeleiding niet (door bewoners of andere derden) zal worden verplaatst of weggehaald.” Voorts hebben partijen de mogelijkheid van ontbinding van de overeenkomst uitdrukkelijk uitgesloten.
redenen waaromde bewoners problemen zouden kunnen gaan krijgen of
de mate waarindeze problemen zich zouden kunnen voordoen, waarover de overeenkomst zich niet uitlaat. Dit nu blijken, zoals het hof voor thans aanneemt, psychische problemen te zijn. Daarmee is echter niet onvoorzien dat er problemen zouden kunnen gaan komen, noch wat daarvan de gevolgen zouden zijn (namelijk dat de bewoners de kijkgeleiding weg willen hebben). Daar komt nog bij, dat Leyakkers het optreden van problemen met de kijkgeleiding voor een deel zelf in de hand heeft, nu zij degene is die de appartementen en het penthouse heeft verhuurd. Leyakkers had, wetende dat zij aan [appellant] een garantie had gegeven, de appartementen aan minder kwetsbare huurders kunnen verhuren, althans had zij huurders die problemen met de kijkgeleiding ondervinden andere woonruimte kunnen aanbieden.