ECLI:NL:GHSHE:2010:BL5468
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.J. van Muijen
- R.J. Koopman
- N. van Beelen
- Rechtspraak.nl
Geheimhouding van stukken in KB-Lux belastingzaak bevestigd door geheimhoudingskamer
In deze bestuursrechtelijke zaak gaat het om het beroep van belanghebbende tegen navorderingsaanslagen en boetes opgelegd door de Inspecteur voor de jaren 1991 tot en met 1996. Belanghebbende vordert onder meer overlegging van interne memo's, waarvan de Inspecteur het bestaan ontkent. De geheimhoudingskamer oordeelt dat de vraag naar het bestaan van deze memo's niet binnen haar taak valt, maar aan de kamer die de hoofdzaak behandelt moet worden voorgelegd.
De Inspecteur heeft zich beroepen op artikel 8:29 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) om delen van het Draaiboek en Nieuwsbrieven geheim te houden. De geheimhoudingskamer heeft deze beroepen op geheimhouding onderzocht en geoordeeld dat de door de Inspecteur aangevoerde gewichtige redenen, zoals het belang van een effectieve controle en het beschermen van tactieken die ook voor andere projecten gelden, zwaarder wegen dan het belang van belanghebbende bij volledige kennisneming.
De geheimhoudingskamer heeft de onleesbaar gemaakte passages in de stukken als gerechtvaardigd beoordeeld en bepaalt dat de Inspecteur een geschoonde versie aan belanghebbende moet verstrekken. Tevens wordt de Inspecteur verplicht om deze stukken binnen twee weken in het geding te brengen en de geheimhoudingskamer hiervan op de hoogte te stellen. De zaak wordt vervolgens verwezen naar de eerste meervoudige kamer die de hoofdzaak behandelt, waarbij het procesdossier, voor zover niet geheim, ter beschikking wordt gesteld.
Uitkomst: Het beroep op geheimhouding van delen van het Draaiboek en Nieuwsbrieven wordt gehonoreerd en de Inspecteur mag deze stukken geschoond overleggen.