ECLI:NL:GHSHE:2010:BN5141
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- G.J. van Muijen
- P.A.G.M. Cools
- P.A.M. Pijnenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen aanslag inkomstenbelasting 2005 na faillissement ongegrond verklaard
Belanghebbende verkeerde in 2005 in staat van faillissement, dat in maart 2006 eindigde. Het aangiftebiljet over 2005 werd op 20 september 2006 aan hem uitgereikt. Belanghebbende deed geen aangifte en gaf aan dat hij door het faillissement en het ontbreken van administratie niet kon voldoen aan zijn aangifteplicht. De Inspecteur legde daarop ambtshalve een aanslag op van € 401, exclusief heffingsrente, en een verzuimboete van € 113.
Belanghebbende betwistte de aanslag, de heffingsrente en de boete, en vorderde een schadevergoeding van € 3.000.000. Het Hof oordeelde dat de bewijslast omkeert bij het niet doen van aangifte, maar belanghebbende niet aannemelijk maakte dat de aanslag onjuist was. Verrekening van verliezen uit voorgaande jaren was niet mogelijk zonder een daarvoor vastgestelde beschikking. De heffingsrente was terecht aan belanghebbende opgelegd en niet aan de curator. De boete werd gehandhaafd omdat het aangiftebiljet na beëindiging van het faillissement aan belanghebbende was uitgereikt en hij niet voldeed aan zijn aangifteplicht.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd. Een schadevergoeding werd afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het vonnis werd uitgesproken op 25 juni 2010 door het Gerechtshof 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag, heffingsrente en verzuimboete worden bevestigd.