ECLI:NL:GHSHE:2011:BQ9033
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P.J.M. Bongaarts
- T.A. Gladpootjes
- F. Sonneveldt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waardevermindering beperkt zakelijk recht gebruik en bewoning bij erfrechtelijke verkrijging woning
Erflaatster en belanghebbende waren elk voor de helft eigenaar van een woning die zij in 2002 gezamenlijk kochten. In de leveringsakte was opgenomen dat na overlijden van de eerststervende een beperkt zakelijk recht van gebruik en bewoning ten behoeve van de langstlevende zou worden gevestigd, maar dit recht is na het overlijden van erflaatster in 2003 niet daadwerkelijk gevestigd.
Belanghebbende stelde dat zij vanwege het obligatoire recht op vestiging van het gebruiksrecht een waardevermindering mocht toepassen bij de successieaangifte. De rechtbank oordeelde dat het beperkte recht niet was gevestigd en dat belanghebbende daardoor de volle eigendom van de helft van de woning had verkregen. Het hof volgde dit oordeel en wees daarbij op een arrest van de Hoge Raad uit 2007, waarin werd gesteld dat zonder daadwerkelijk gevestigd gebruiksrecht de woning moet worden aangeboden in ontruimde staat.
Het hof verwierp de stelling van belanghebbende dat het obligatoire recht gelijk zou staan aan een huurrecht en benadrukte het onderscheid tussen een recht op vestiging en een daadwerkelijk gevestigd recht. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en het griffierecht werd niet terugbetaald.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt dat geen waardevermindering voor het niet-vestigde beperkt zakelijk recht van gebruik en bewoning kan worden toegepast.