ECLI:NL:GHSHE:2011:BT2663
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- H. Harmsen
- K. van der Meijde
- T.A. de Roos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens overtredingen Flora- en faunawet, valsheid in geschrift en Diergeneesmiddelenwet
In hoger beroep tegen het vonnis van de economische kamer van de rechtbank 's-Hertogenbosch is verdachte veroordeeld voor meerdere feiten, waaronder het opzettelijk medeplegen van overtredingen van artikel 13 van Pro de Flora- en faunawet, valsheid in geschrift en het bezit van niet-geregistreerde diergeneesmiddelen. Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte gedurende de periode van 2003 tot 2007 beschermde diersoorten heeft verhandeld en valselijke gezondheidscertificaten heeft gebruikt.
De verdediging voerde onder meer aan dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege onrechtmatig verkregen bewijs en dat bepaalde feiten niet strafbaar waren. Het hof verwierp deze verweren, onderbouwd met een uitgebreide motivering over de rechtmatigheid van het tappen en de aard van de misdrijven, waaronder het ernstige karakter van milieuovertredingen. Tevens werd vastgesteld dat het niet verplicht was om een onderzoek van rijkswege te verzoeken volgens artikel 79 van Pro de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren.
De strafoplegging bestond uit een gevangenisstraf van 151 dagen waarvan 120 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en een geldboete van 4.500 euro, deels voorwaardelijk en in termijnen te voldoen. Het hof legde daarnaast beslag op bepaalde in beslag genomen diergeneesmiddelen en bepaalde voorwerpen werden onttrokken aan het verkeer. Tevens werd rekening gehouden met de overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro, wat leidde tot strafvermindering.
Het arrest bevestigt het belang van natuurbescherming en de bestrijding van milieucriminaliteit, waarbij ook de echtheid van gezondheidscertificaten en de registratie van diergeneesmiddelen centraal staan. Het hof benadrukte dat de strafbaarheid van de feiten niet werd uitgesloten en dat verdachte aansprakelijk is voor de bewezen verklaarde feiten.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 151 dagen gevangenisstraf waarvan 120 dagen voorwaardelijk en een geldboete van 4.500 euro wegens overtredingen van de Flora- en faunawet, valsheid in geschrift en overtreding van de Diergeneesmiddelenwet.