ECLI:NL:GHSHE:2011:BT8257
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- G.J. van Muijen
- M.B.A. van Hout
- L.M. Brouwer-Harten
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over vervaardiging nieuwe onroerende zaak na verbouwing kantoorpand tot appartementen
Belanghebbende heeft een kantoorgebouw gekocht en verbouwd waarbij de begane grond kantoorruimte bleef en de twee verdiepingen werden omgevormd tot vier appartementen. De verbouwing bestond uit het strippen van verdiepingen, sloop van tussenmuren, verplaatsing van het trappenhuis en het aanbrengen van voorzieningen zoals keukens en badkamers, terwijl bestaande vloeren, plafonds en dikke muren werden gehandhaafd.
De Inspecteur legde een naheffingsaanslag omzetbelasting op omdat hij meende dat sprake was van nieuw vervaardigde onroerende zaken. Belanghebbende stelde dat dit niet het geval was en dat de levering van de appartementen vrijgesteld was van omzetbelasting. Het geschil betrof de vraag of de verbouwing leidde tot vervaardiging van nieuwe onroerende zaken in de zin van de Wet op de omzetbelasting.
Het Hof oordeelde dat het begrip 'vervaardigd' moet worden uitgelegd aan de hand van het spraakgebruik en dat alleen sprake is van vervaardiging indien in wezen nieuwbouw heeft plaatsgevonden. Gezien het feit dat de bestaande constructieve elementen behouden zijn gebleven en de verbouwing niet ingrijpend is, is geen sprake van nieuwbouw. De naheffingsaanslag werd daarom vernietigd en de kosten van het geding werden aan de zijde van belanghebbende toegewezen.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting wordt vernietigd omdat geen sprake is van nieuw vervaardigde onroerende zaken.