Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[vennootschap] v.o.f.,gevestigd te [vestigingsplaats],
[appellant 2],wonende te [woonplaats 1],
[appellante 3],wonende te [woonplaats 1],
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 327808/CV EXPL 12-39 EPD)
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
[geïntimeerde]volgens
[vennootschap](cf loonstroken, zie echter ook hierna)
150 uren 104 uren
197 uren 84 uren
ni 2010) : 24 uren = 21,7 weken x 38 uren =} 823,3 uren - 520 uren = 303,3 uren x € 8,55 bruto per uur =
€ 2.593,50 bruto
li 2010: {104 uren : 24 uren = 4,3 weken x 38 uren} = 164,7 uren - 104 uren = 60,7 uren x € 10,53 bruto =
€ 639,17, is totaal
€ 3.232,67.
€ 804,50 brutotoe. Totaal dient [geïntimeerde] derhalve in ieder geval nog te ontvangen
€ 4.037,17 bruto.
€ 853,94 brutoen verder, op grond van het in r.o. 3.3.2. overwogene, op 8% van € 4.037,17 bruto =
€ 1.176,91. Of [geïntimeerde] recht heeft op het restant van haar vordering (€ 1.200,= - € 1.176,91 =) € 23,09 hangt af van de uitkomst van de bewijslevering.
€ 1.176,91. Over die bedragen en de wettelijke verhoging daarover is ook de wettelijke rente verschuldigd.
4.De uitspraak
9 december 2014voor opgave van het aantal getuigen en van de verhinderdata van partijen zelf, hun advocaten en de getuige(n) in de periode van 4 tot 12 weken na de datum van dit arrest;