Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 16 december 2014;
- de akte van [bouw] van 17 februari 2015;
- de antwoordakte van [complete afbouw] van 17 maart 2015.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele procedure tussen [bouw] B.V. en Complete Afbouw B.V. staat centraal of een contractueel beding dat verhaal op een medecontractant van een bestuursrechtelijke boete krachtens de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) mogelijk maakt, nietig is wegens strijd met de openbare orde zoals bedoeld in artikel 3:40 BW Pro.
Het hof heeft in een eerder tussenarrest ambtshalve overwogen dat deze vraag relevant is en partijen in de gelegenheid gesteld zich hierover uit te laten. Beide partijen hebben uitvoerige argumenten ingebracht, waarbij [bouw] het uitgangspunt van contractsvrijheid benadrukt en stelt dat het verhaalsbeding niet strijdig is met dwingendrechtelijke bepalingen, terwijl Complete Afbouw wijst op jurisprudentie en de strekking van de Wav die het verhaal op bestuursrechtelijke boetes uitsluit.
Het hof acht deze vraag van groot belang voor de verdere beslechting van het geschil en heeft daarom besloten een prejudiciële vraag aan de Hoge Raad te stellen over de nietigheid van dergelijke verhaalsbedingen. De zaak is aangehouden en partijen worden uitgenodigd zich hierover nader uit te laten.
Uitkomst: Het gerechtshof stelt een prejudiciële vraag aan de Hoge Raad over de nietigheid van verhaalsbedingen voor bestuursrechtelijke boetes en houdt de zaak aan.