Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 4073436 rolno. 15/4470)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep met drie grieven;
- de memorie van antwoord met tien producties.
3.De beoordeling
officiële waarschuwing.De brief bevat onder meer de volgende passages:
Op zondag 13 juli jongstleden heb ik helaas wederom moeten constateren dat je tijdens de ochtenddienst zat te slapen. Hetzelfde is geconstateerd tijdens je ochtenddienst in het weekend van 9 en 10 augustus jongstleden.Op 8 december 2013 heb ik je een waarschuwing gegeven voor het feit dat je tijdens je ochtenddienst zat te slapen.(…)Tijdens een evaluatiegesprek op 16 april 2014 met betrekking tot je ontwikkeltraject zijn deze voorvallen nogmaals besproken en vastgelegd.(…)Slapen tijdens een actieve dienst is in geen enkele functie toegestaan. Bij een beveiligingsbeambte kan hier al helemaal geen sprake van zijn.(…)Het slapen tijdens je dienst is gezien de eerdere voorvallen geen uniek incident maar blijkbaar een structureel terugkerend probleem.(…)Op grond van het bovenstaande krijg je hierbij een laatste waarschuwing. Bij de eerst volgende keer dat wij ernstig plichtsverzuim constateren, zullen wij direct de procedure in gang zetten die leidt tot het beëindigen van je arbeidsovereenkomst.
geeft aan dat wij in onderling overleg tot een vaststellingsovereenkomst kunnen komen waarin gezamenlijke afspraken worden vastgelegd over de manier waarop het dienstverband wordt beëindigd. Een afspraak kan zijn dat wij jou een outplacement aanbieden waarbij je wordt begeleid in het vinden van een andere baan. Mocht je hier niet voor openstaan, dan zullen wij een ontslagvergunning gaan aanvragen bij het UWV.
Zoals ik al eerder heb uitgesproken heb ik geen vertrouwen meer in de samenwerking met jou binnen onze dienst portiers en beveiliging. (…)Je refereert aan het feit dat je al 37 jaar werkzaam bent binnen de organisatie. Dat je hier al zo lang werkt is de reden dat je niet op staande voet ontslagen bent naar aanleiding van de laatste waarschuwing die je hebt gekregen. Wat ik je wil bieden is een vaststellingsovereenkomst waarbij een opzegtermijn in acht wordt genomen van vier maanden, ingaande op 1 januari 2015. In die vier maanden wil ik je begeleiding bieden bij het vinden van een andere baan. In de eerste instantie binnen de organisatie, maar ook buiten de organisatie (outplacement). Het dienstverband hier eindigt op 1 mei 2015. Je kunt in de tussentijd blijven werken als beveiliger, maar ik zet je niet meer in in de nachtdiensten omdat deze dienst voor jou het meest risicovol is (…)
(…) Cliënt stemt niet in met het in deze brief (de hiervoor onder f vermelde brief, hof) gedane voorstel. Cliënt maakt aanspraak op zijn functie en wenst deze dan ook zonder voorbehoud en in volle omvang te vervullen.Zakelijk weergegeven wordt in de brief verder aangevoerd dat [appellant] betreurt dat hij vier keer ingedommeld is, maar dat ook St Anna haar zorgplicht ten aanzien van de werkomstandigheden in de portiersloge niet is nagekomen (onder andere te hoge temperatuur, te weinig frisse lucht, te weinig prikkels om alert te blijven). Voorts wordt aangevoerd dat, buiten het indommelen, sprake is van een vlekkeloos dienstverband. Namens [appellant] wordt een mediation-traject onder leiding van een gecertificeerd (onafhankelijk) mediator voorgesteld om de kwestie te bespreken en te komen tot een werkbaar vervolg.
Art 1 van Pro die overeenkomst luidt als volgt:
DoelPartijen spreken met elkaar af via Mediation met elkaar te willen zoeken naar een oplossing voor de ontstane situatie.
4.De uitspraak
17 november 2015voor memorie aan de zijde van [appellant] met de hiervoor in r.o. 3.7 vermelde doeleinden, waarna St Anna in de gelegenheid zal worden gesteld hierop bij antwoordmemorie te reageren;