Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
[woonplaats],
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil, alsmede standpunten en conclusies van partijen
4.Gronden
5.Beslissing
bevestigtde uitspraak van de Rechtbank.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Belanghebbende huurde vanaf april 2009 een loods waarin onveraccijnsde sigaretten werden opgeslagen. Na een inbraak werden deze sigaretten ontdekt door de politie en FIOD. Belanghebbende deed aanvankelijk aangifte van diefstal en ontkende kennis van de sigaretten, maar verklaarde later dat hij vanaf de tweede of derde levering wist dat het sigaretten betrof en dat hij hielp met laden.
De Inspecteur legde een naheffingsaanslag accijns op, die na bezwaar en rechtbankbeslissing werd verminderd. Belanghebbende stelde in hoger beroep dat hij niet wist van de sigaretten, dat de aanslag te hoog was en dat de Inspecteur onzorgvuldig had gehandeld.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende feitelijk over de sigaretten beschikte en redelijkerwijs kon weten dat er geen accijns was betaald. De naheffingsaanslag was niet te hoog vastgesteld en de Inspecteur had niet onzorgvuldig gehandeld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag accijns wordt bevestigd.