Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
27.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 14 juni 2016;
- de akte houdende uitlating na tussenarrest van [appellant] .
28.De verdere beoordeling
€ 238.354,32
f 14.471,38
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Deze civiele zaak betreft een hoger beroep in een letselschadegeschil tussen appellant en London Verzekeringen N.V. Het geschil draait om de juiste berekening van het verlies aan arbeidsvermogen (VAV), de invulling van het persoonsgebonden budget (PGB) voor de zorg aan de zoon van appellant, en de verrekening van reeds betaalde voorschotten en wettelijke rente.
Het hof herhaalt de schadeopstelling van appellant, gebaseerd op een rapport van het NRL, en oordeelt dat London terecht niet het verweer kan voeren dat appellant zelf op geld waardeerbare werkzaamheden voor zijn zoon verricht, aangezien het PGB door anderen werd ingevuld. De zorg die appellant verleent wordt als gebruikelijke ouderlijke zorg aangemerkt, die niet op geld waardeerbaar is.
Verder wordt vastgesteld dat London de kosten van diverse rapporten en medische advisering buiten rechte heeft voldaan, zodat deze posten buiten beschouwing blijven bij de schadeberekening. Het hof volgt de renteberekening van London en verrekent het ontvangen voorschot van €56.300,00 met de schadevergoeding.
Het vonnis waarvan beroep wordt vernietigd en London wordt veroordeeld tot betaling van €135.021,09 plus wettelijke rente over het VAV-bedrag vanaf 26 mei 2015, alsmede tot het verstrekken van een belastinggarantie. London wordt tevens veroordeeld in de proceskosten van eerste aanleg en hoger beroep.
Uitkomst: London Verzekeringen wordt veroordeeld tot betaling van €135.021,09 schadevergoeding, wettelijke rente en verstrekking van een belastinggarantie.