Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 5435357 CV EXPL 16-9167)
2.Het geding in hoger beroep
3.De gronden van het hoger beroep
4.De beoordeling
Zowel gedurende het bestaan van de arbeidsovereenkomst als gedurende één jaar na beëindiging daarvan is het ‘ [appellant] ’ behoudens de voorafgaande schriftelijke toestemming van ‘Liko’, verboden om binnen een straal van 125 km met de hoofdvestiging van ‘Liko’ als middelpunt, in enige vorm een zaak, gelijk, gelijksoortig of aanverwant aan de van ‘Liko’ te (doen) drijven, hetzij direct, hetzij indirect, alsook financieel in welke vorm dan ook bij een dergelijke zaak belang te hebben of daarin of daarvoor op enigerlei wijze werkzaam te zijn, hetzij tegen vergoeding, hetzij om niet, en/of daarin aandeel van welke aard dan ook te hebben.
Indien ‘ [appellant] ’ de artikelen 10 tot en met 15 op enigerlei wijze overtreedt en/of niet nakomt, verbeurt hij aan ‘Liko’ een direct en zonder nadere aanmaning, ingebrekestelling of rechterlijke tussenkomst, opeisbare boete ten bedrage van EURO € 5.000,-- per overtreding, te vermeerderen met EURO 1.500,-- voor iedere kalenderdag dat de overtreding voortduurt en onverminderd de bevoegdheid van ‘Liko’ om daarnaast vergoeding van de volledige schade alsmede nakoming te vorderen. (…)”
) 2016.
Zoals wederom tijdens het overleg d.d. 22-07 jl. medegedeeld, handhaven wij het overeengekomene in art. 11 t/m art. 16 van Pro de onderhavige arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd d.d. 01-01-2016. Dit houdt onder meer in dat wij jou zullen houden aan het hierin vastgelegde en overeengekomen geheimhoudings- en concurrentiebeding waardoor je niet, zoals op 22-07 jl. ook al met jou besproken, vóór 01-08-2017 op welke manier dan ook voor Koeltex dan wel voor alle andere in voornoemde artikelen vermelde organisaties werkzaam mag zijn.”
“(…) als gevolg van ziekte als gevolg van werk en privéproblemen.” Daaruit kan onvoldoende worden afgeleid dat het beter voor de gezondheid van [appellant] was om bij Liko te vertrekken en dat hij bij een andere werkgever niet diezelfde werkproblemen zou hebben gehad
.Het hof wijst er verder op dat in elk geval uit het e-mailbericht waarmee [appellant] de arbeidsovereenkomst heeft opgezegd voor zover inhoudende: “
Ik wil u bedanken voor de goede en correcte samenwerking waarvan ik de afgelopen anderhalf jaar heb mogen genieten (…)”(rov 4.1 sub d), niet volgt dat hij een onprettige arbeidstijd heeft gehad bij Liko.