Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5 Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 4464079 \ CV EXPL 15-9330)
6 Het geding in hoger beroep
7.De gronden van het hoger beroep
8.De beoordeling
[plaats] , 18 augustus ‘15
Kentekenbewijs
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak staat de vraag centraal wie eigenaar is van een BMW met kenteken [kenteken 2], die door de stiefvader is betaald maar door de stiefzoon wordt gebruikt en onder zich gehouden. De stiefvader had de auto betaald met verzekeringsgeld van een eerder gestolen auto en liet de auto op zijn naam tenaamstellen. De stiefzoon gebruikte de auto vanaf aflevering en bezit de sleutels.
De kantonrechter had de vordering van de stiefvader tot afgifte van de auto toegewezen, maar het hof vernietigt dit vonnis. Het hof overweegt dat tenaamstelling en betaling niet automatisch eigendom bewijzen en dat onvoldoende feiten zijn gesteld die eigendom van de stiefvader aannemelijk maken. Bewijzen over betaling van motorrijtuigenbelasting en verzekeringspremie zijn onvoldoende.
Het hof concludeert dat de stiefzoon voorshands eigenaar is van de auto en veroordeelt de stiefvader tot afgifte van de auto aan de stiefzoon binnen zeven dagen, met een dwangsom van € 50 per dag tot een maximum van € 12.500. De proceskosten worden gecompenseerd en het arrest is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat de stiefzoon eigenaar is van de auto en veroordeelt de stiefvader tot afgifte van de auto aan de stiefzoon met een dwangsom.