Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[de V.O.F.] V.O.F.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
[geïntimeerde 2] ,wonende te [woonplaats] ,
[geïntimeerde 3] ,wonende te [woonplaats] ,
[geïntimeerde 4] ,h.o.d.n. [Advocaten] Advocaten, voorheen maat van de maatschap [de maatschap ] ,
[geïntimeerde 5], voorheen maat van de maatschap [de maatschap ] ,
Advocatenkantoor [Advocatenkantoor] B.V., voorheen maat van de maatschap [de maatschap ] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/210070 / HA ZA 15-476)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- het tegen geïntimeerde sub 6 verleende verstek;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord van geïntimeerden sub 4 en 5;
- de memorie in het incident van [de V.O.F.] ;
- de antwoordmemorie in het incident van [appellante] ;
3.De beoordeling
4.De beslissing
ambtshalve peremptoir;