Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 10 mei 2016;
- de memorie van antwoord tevens houdende incidenteel appel met bijlagen;
- de memorie van antwoord in het incidenteel appel;
- de akte indienen stukken en eiswijziging door [geïntimeerde] ;
- de antwoordakte.
6.De verdere beoordeling
- de schulden van partijen (grief 1, grief 5, grief 6a en grief 6b);
- de polissen levensverzekering (grief 4);
- de onverdeeldheid waarin partijen verkeren (grief 2);
- de dicta van het bestreden vonnis (grieven 7 tot en met 12).
- de afwijzing van de vordering van [geïntimeerde] ex art. 3:174 BW Pro en art. 3:300 BW Pro (grief I);
- de proceskosten (grief II).
of(curs. hof) om andere gewichtige redenen”.
Parl. Gesch. 3, p. 596). Voor zover de grief van [geïntimeerde] moet worden begrepen als een beroep op een “gewichtige reden” in de zin van art. 3:174 BW Pro, kan dat beroep niet slagen.
Terugkoopplicht van de Woningcorporatie, taxatie en teruglevering
Waardebepaling Registergoed door middel van taxatie