Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/02/274813 / HA ZA 13-979)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord met producties;
- het pleidooi, waarbij [appellante] pleitnotities heeft overgelegd.
3.De beoordeling
a) (…..)
een aanvang heeft genomen met de plannen voor de ontwikkeling van een appartementencomplex op de (….) genoemde locaties.
te kennen heeft gegeven het plan voor [voornaam geïntimeerde] verder te willen ontwikkelen en ten uitvoer wil brengen.
a) Een plan opgesteld door [architecten] Architecten waarvan op basis van de brief opgesteld door de gemeente [plaats] (….) kan worden gesteld dat (…..) het bouwplan voldoet aan redelijke eisen van welstand. Op basis van de brief opgesteld door de gemeente [plaats] (…..) kan bovendien worden gesteld en dat een wijzigingsprocedure dient te worden opgestart om een deel van de projectlocatie met als doel “bedrijfsdoeleinden” te wijzigen in “woondoeleinden”(….)
(…).
(…).
(….)
De betaling van de overeengekomen vergoeding vindt plaats op de volgende tijdstippen, (….)a) Na ondertekening van deze overeenkomst tweetiende deel van de waarde zoals genoemd in artikel 4 zijnde Pro[€ 135.000,00]
, te voldoen via Notariskantoor (…) op het moment dat de in artikel 9 genoemde Pro hypothecaire zekerheid kan worden gevestigd.
(…).
De kosten voor het vestigen (…) komen voor rekening van [voornaam geïntimeerde] .
a) Op een moment dat de gehele vergoeding zoals genoemd in artikel 4 aan Pro [voornaam geïntimeerde] werd voldaan.
(…..)
“GELDLENING
erkent (….)schuldig aan de schuldeiser[ [appellante] ]
(…..)
“
primair[geïntimeerde] te veroordelen tot betaling van € 135.000,--, dan wel
subsidiairvoor recht te verklaren dat de overeenkomst is ontbonden en [geïntimeerde] te veroordelen tot betaling van € 135.000,-.