Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
[kenteken] gebruik van de weg is gemaakt.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en een verzuimboete opgelegd wegens gebruik van een auto op de weg met mogelijk valse kentekenplaten. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank werd de aanslag en boete vernietigd en de Inspecteur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
In hoger beroep betwistte belanghebbende onder meer de toepassing van het Unierecht, schending van de hoorplicht, hoogte van het griffierecht, en recht op rentevergoeding over belasting, boete en griffierecht. Het Hof oordeelde dat het Unierecht niet van toepassing is omdat het een zuiver interne situatie betreft en de boete niet gericht is op schending van Unierechtelijke normen.
De hoorplicht was niet geschonden omdat belanghebbende niet om een hoorzitting had verzocht en de Inspecteur haar daartoe een redelijke termijn had geboden. Het griffierecht werd niet te hoog geacht en belanghebbende had geen recht op rentevergoeding over belasting en boete. Wel werd de Inspecteur veroordeeld tot rentevergoeding over het griffierecht vanaf vier weken na de uitspraak van de rechtbank tot betaling.
Vergoeding van werkelijke kosten van bezwaar en proceskosten werd afgewezen wegens ontbreken van verzoek en bijzondere omstandigheden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd met rentevergoeding over het griffierecht.