Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[appellant] ,
[appellante],
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnr. C/01/317026 / HA ZA 17-75)
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
“(...) Vooropgesteld had cliënt het op prijs gesteld als hij bij een grensreconstructie die mede de omvang van zijn perceel aan gaat was uitgenodigd. Dat zulks niet is gedaan stelt hem teleur.(...) Evengoed heeft cliënt besloten om de betonnen fundering van het hek te verwijderen, voor zover die op de grond van uw cliënten ligt.(...) Uit het relaas van bevindingen van het kadaster blijkt tot de spijt van cliënt dat zijn overstek inderdaad deels boven het perceel van uw cliënten hangt. In dit verband biedt cliënt graag zijn excuses aan. Het is niet zijn bedoeling geweest om boven het perceel van zijn buren te bouwen. Cliënt betwist evenwel de beschuldiging dat hij dit bewust zou hebben gedaan. Cliënt heeft de afpaling niet genegeerd maar juist aangehouden.Cliënt heeft laten onderzoeken wat het zou kosten om het overstek aan te passen. Gebleken is dat de aanpassing maar liefst € 4.259,20 zou kosten, zie ook bijgevoegde offerte. Tevens zou de aanpassing enorm afbreuk doen aan het aangezicht. Volgens de conclusie van mijn cliënten hangt het overstek ongeveer 21 cm2 over de grens. Een voor bouwgrond gebruikelijke prijs van € 300,- per m2 levert een bedrag van € 630,-. Het financieel belang van cliënt bij behoud van het overstek weegt in dat geval dus 7x zo zwaar als het belang van uw cliënten bij afbraak. Dat staat in geen verhouding tot elkaar. (..)Cliënt vordert daarom dat dat uw cliënten een erfdienstbaarheid zullen verlenen ten behoeve van het overstek. (...) Cliënt verklaart zich hierbij bereid om het bedrag van € 630,- te betalen bij wijze van schadevergoeding. De kosten van de notariële akte zullen vanzelfsprekend door cliënt worden gedragen. (...)”
- de proceskosten tussen partijen gecompenseerd en het meer of anders gevorderde afgewezen;