Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/254524 / KG ZA 18-482)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met zeven producties;
- de memorie van antwoord met zeven producties.
3.De beoordeling
- [appellant] is eigenaar van het perceel [adres 1] te [plaats] .
- [geïntimeerde] is vruchtgebruiker van het ernaast gelegen perceel [adres 2] .
- In de achtertuin van het perceel van [appellant] stond tot februari/maart 2018 een grote Canadese populier. Volgens het gestelde op blz. 4 van het door [appellant] bij de inleidende dagvaarding overgelegde rapport van [boomverzorging] Boomverzorging van 18 juli 2018 had de Canadese populier een hoogte van ongeveer 23 meter en een kroondiameter van circa 17 meter. Volgens het gestelde op blz. 6 van dat rapport heeft de achtertuin van [appellant] een afmeting van 3,6 x 3,2 meter, en is de stamvoet van de Canadese populier tegen de hoek van de achtergevel van het pand op huisnummer [adres 2] gegroeid. Een foto hiervan is opgenomen op blz. 10 van het rapport van Groenvisie [groenvisie] dat [geïntimeerde] in het geding in eerste aanleg heeft overgelegd.
- [geïntimeerde] heeft [appellant] in 2017 in een bodemprocedure gedagvaard voor de kantonrechter van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond. [geïntimeerde] vorderde in die procedure, samengevat, [appellant] te bevelen de Canadese populier volledig te verwijderen, op straffe van verbeurte van een dwangsom.
- In die bodemprocedure heeft de kantonrechter vonnis gewezen op 10 januari 2018 (zaaknummer 5992072 \ CV EXPL 17-4324). In het dictum van dat vonnis heeft de kantonrechter voor zover thans van belang als volgt beslist:
- Tegen het vonnis is geen rechtsmiddel aangewend. Het vonnis is onherroepelijk geworden.
- [geïntimeerde] heeft het vonnis op 2 februari 2018 aan [appellant] betekend en hem daarbij bevel gedaan om de Canadese populier binnen twee maanden na de datum van de betekening volledig te (doen) verwijderen. In het betekeningsexploot is [appellant] aangezegd dat hij, als hij niet aan het bevel voldoet, een dwangsom verbeurd van € 250,-- voor elke dag dat hij daarmee in gebreke blijft, tot een maximum van € 20.000,--.
- [appellant] heeft een bedrijf ingeschakeld om de Canadese populier in februari/maart 2018 te verwijderen.
- [geïntimeerde] heeft op 19 juni 2018 een proces-verbaal van constatering laten opmaken door toegevoegd gerechtsdeurwaarder [toegevoegd gerechtsdeurwaarder] . In het door [toegevoegd gerechtsdeurwaarder] opgemaakte proces-verbaal staat onder meer het volgende:
- [geïntimeerde] heeft aan [appellant] een exploot van 4 juli 2018 laten uitbrengen waarin is aangezegd dat [appellant] in gebreke is gebleven met het (volledig) verwijderen van de Canadese populier. In het exploot is aan [appellant] bevel gedaan om binnen twee dagen € 20.000,-- aan verbeurde dwangsommen en € 96,22 aan kosten te voldoen. Tevens is in het exploot aangezegd dat de deurwaarder het vonnis bij gebreke van tijdige betaling ten uitvoer zal leggen door beslagmaatregelen.
- [geïntimeerde] heeft executoriaal beslag laten leggen op de onroerende zaak van [appellant] aan de [adres 1] te [plaats] .
- I. [geïntimeerde] te verbieden om tot (verdere) tenuitvoerlegging van het vonnis van 10 januari 2018 over te gaan, op straffe van verbeurte van een dwangsom;
- II.(a) opheffing van de eventueel inmiddels gelegde beslagen;
- II.(b) veroordeling van [geïntimeerde] tot betaling van het eventueel reeds betaalde / ingehoudene;