ECLI:NL:GHSHE:2019:455
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens te late indiening in belastingzaak landbouwvrijstelling
Belanghebbende, exploitant van een landbouwbedrijf, had bezwaar gemaakt tegen een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2010, waarbij het geschil vooral ging over de waardering van een perceel landbouwgrond en de toepassing van de landbouwvrijstelling en herinvesteringsreserve (HIR).
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond. Belanghebbende stelde vervolgens hoger beroep in bij het gerechtshof. Het hof stelde vast dat het hoger beroepschrift niet tijdig was ingediend omdat het volgens de poststempel op 12 januari 2018 was afgestempeld, terwijl de termijn eindigde op 11 januari 2018.
De gemachtigde van belanghebbende heeft geen bewijs geleverd dat het beroepschrift eerder was ter post bezorgd, noch heeft zij gereageerd op het verweerschrift of de zitting bijgewoond. Hierdoor oordeelde het hof dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is wegens te late indiening zonder verschoonbare reden.
Het hof ging niet in op de inhoud van het geschil en wees het verzoek tot vergoeding van griffierecht en proceskosten af. De uitspraak werd gedaan op 7 februari 2019 door drie rechters en griffier.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening van het hoger beroepschrift.