Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil, alsmede standpunten en conclusies van partijen
4.Gronden
5.Beslissing
bevestigtde uitspraak van de Rechtbank voor het overige.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Belanghebbende, handelend onder twee bedrijfsnamen, voerde een eenmanszaak met activiteiten in autohandel en sportschool. Na een boekenonderzoek naar de omzetbelasting over 2014 en 2015 werden naheffingsaanslagen opgelegd wegens onterecht toegepast nultarief op 97 transacties met gebruikte auto’s.
Belanghebbende stelde dat hij het nultarief terecht toepaste, onderbouwd met vervoersdocumenten en verkoopfacturen. Het hof oordeelde echter dat de documenten onvoldoende en gebrekkig waren om het vervoer naar andere lidstaten aan te tonen. Ook de verklaring over afhaaltransacties werd niet geloofwaardig bevonden vanwege gebrek aan ondersteunende bewijsstukken.
De boetes van 50% wegens voorwaardelijk opzet werden passend geacht. Belanghebbende had zelf de administratie gevoerd en ondanks gebrekkige documentatie toch het nultarief toegepast. Zijn beroep op een belastingadviseur slaagde niet omdat hij onvoldoende zorg betrachtte in de samenwerking.
Het hof verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, inclusief de naheffingsaanslagen en boetes. Er werd geen vergoeding van griffierecht of proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het hof bevestigt de naheffingsaanslagen en boetes wegens onjuiste toepassing van het nultarief op autotransacties.