In deze civiele zaak vordert de eiser vergoeding van schade aan zijn auto nadat zijn partner tegen een paaltje is gereden dat door een reclamebord van de supermarkt niet zichtbaar was. De rechtbank wees de vordering toe vanwege het ontbreken van een tijdige conclusie van antwoord door de supermarkt.
In hoger beroep betoogt de supermarkt dat zij niet onrechtmatig heeft gehandeld. Het hof onderzoekt of het plaatsen van het reclamebord een gevaarlijke situatie heeft gecreëerd volgens de kelderluikcriteria, waarbij onder meer wordt gekeken naar de waarschijnlijkheid van onoplettendheid van automobilisten en de zwaarte van de gevolgen.
Het hof stelt vast dat hoewel het bord de kans op een ongeval vergroot, de supermarkt mocht verwachten dat automobilisten voorzichtig zouden zijn bij het inparkeren, vooral omdat het rijden over de stoep verboden is. De automobilist had een andere parkeerplaats kunnen kiezen. Daarom is de supermarkt niet aansprakelijk en wordt het vonnis van de rechtbank vernietigd. De eiser wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.