ECLI:NL:GHSHE:2020:1622
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verbetering arrest over schadevergoeding weduwen- en wezenuitkering na beëindiging dienstverband
In deze civiele procedure stond een vordering centraal gericht op schadevergoeding van weduwen- en wezenuitkering na het beëindigen van het dienstverband door de werknemer. De zaak betrof appellante, optredend voor zichzelf en als wettelijk vertegenwoordiger van haar minderjarige zoon, tegen TÜV Nederland QA B.V.
Het hof constateerde in het eerder gewezen arrest van 21 april 2020 twee verschrijvingen in de rechtsoverwegingen, met betrekking tot het overlijden van de echtgenoot van appellante door zelfdoding en de beëindiging van diens dienstverband bij TÜV. Deze fouten werden ambtshalve hersteld zonder nadere inspraak van partijen, gelet op de aard van de verbeteringen en uit piëteit.
De verbeteringen betroffen de datum van overlijden, vastgesteld op 14 januari 2013, en de omschrijving van de pensioenregeling tijdens het dienstverband, waarbij het partner- en wezenpensioen verviel bij uitdiensttreding en werd vervangen door een overlijdensdekking van 90% van het beleggingstegoed. De aanspraak van appellante bedroeg €420 per jaar.
Het arrest van 21 april 2020 werd aldus op 19 mei 2020 verbeterd en deze correcties werden op de minuut van het arrest vermeld. De uitspraak werd gewezen door de rolraadsheren O.G.H. Milar, R.A. van der Pol en A. van Zanten-Baris.
Uitkomst: Het arrest van 21 april 2020 werd op 19 mei 2020 ambtshalve verbeterd inzake overlijdensdatum en pensioenregeling.