Uitspraak
s-HERTOGENBOSCH
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Partijen, voormalige partners, sloten in 2001 gezamenlijk een flexibel krediet af bij ABN AMRO Bank. Na het beëindigen van hun relatie spraken zij af ieder de helft van de kredietbetalingen te dragen. De kantonrechter stelde in 2019 vast dat partijen hoofdelijk aansprakelijk zijn en veroordeelde geïntimeerde tot nakoming van haar betalingsverplichtingen.
Appellant ging in hoger beroep en vorderde onder meer een dwangsom voor het niet nakomen van de betalings- en inspanningsverplichtingen door geïntimeerde. Het hof wees de dwangsom af omdat een dwangsom niet kan worden verbonden aan de betaling van een geldsom en de inspanningsverplichting te onbepaald is.
Wel oordeelde het hof dat geïntimeerde gehouden is tot betaling van € 3.135,00 aan appellant wegens achterstallige betalingen, vermeerderd met wettelijke rente. De vordering tot terugbetaling van toekomstige bedragen werd afgewezen wegens niet-opeisbaarheid. De proceskosten worden door partijen ieder zelf gedragen. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof veroordeelt geïntimeerde tot betaling van € 3.135,00 plus wettelijke rente en wijst de dwangsomvordering af.