Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/252607 / HA ZA 18-365)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord met producties;
- de akte van [appellant] , met twee producties;
- de antwoordakte van [wsnp-bewindvoerder] Q.Q.
3.De vaststaande feiten
4.De vorderingen en de beslissing in eerste aanleg
- (primair) medewerking te geven aan de door [appellant] gevraagde omzetting van diens vordering op NN in een lijfrente, als aangeboden door NN, ingaande 24 oktober 2023 en voor de duur van 20 jaar;
- (subsidiair) een passende voorziening te treffen, waardoor de beoogde oudedagsvoorziening voor [appellant] wordt gewaarborgd; zulks – zo nodig – door betaling van een bedrag van euro 86.660,87 dusdanig, dat dit bedrag als boedelactief niet wordt aangewend ter dekking van boedelkosten en/of een uitkering aan schuldeisers, maar wordt aangewend voor een oudedagsvoorziening met een verzorgingskarakter in de zin van artikel 22a Fw ten bate van [appellant] ,