Uitspraak
11.Het verdere verloop van de procedure
- de incidentele conclusie tot het instellen van een provisionele vordering op grond van artikel 223 Rv Pro met producties, genummerd 4 tot en met 6, aan de zijde van ZOwonen;
- de antwoordconclusie in het incident met producties, genummerd 1 tot en met 6, aan de zijde van [appellant] ;
- de beslissing van 11 mei 2021 van de rolraadsheer;
- de mondelinge behandeling in het incident en in de hoofdzaak van 14 september 2021, waarbij door mr. Meuwissen spreekaantekeningen zijn overgelegd en door [appellant] eveneens aantekeningen zijn overgelegd;
- de bij brief van 7 september 2021 door mr. Meuwissen toegezonden productie A, die zij bij de mondelinge behandeling bij akte in het geding heeft gebracht.
12.De verdere beoordeling
- de huurovereenkomst van de woning tussen partijen ontbonden;
- [appellant] veroordeeld tot ontruiming van de huurwoning;
- [appellant] veroordeeld om aan ZOwonen te betalen een bedrag van € 6.247,46 aan huur;
- [appellant] veroordeeld om aan ZOwonen te betalen een bedrag van € 578,76 per maand of gedeelte daarvan, of zoveel hoger als bij wettelijke huurverhoging zal zijn toegelaten, ingaande 1 maart 2019 tot aan het tijdstip van de ontruiming; en
- [appellant] veroordeeld in de proceskosten.