Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer 6960552 CV EXPL 18-3426)
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
€ 2.500.000,- lager was;
€ 1.430.000,-.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak vordert appellant schadevergoeding van Daimler, de moedermaatschappij van de huurder Mercedes, wegens vermeende onjuiste en onzorgvuldige presentatie van huurprijsgegevens in een interne 'gate approval' (GAP) die leidde tot een verhuizing naar een duurder pand.
Appellant stelt dat Daimler onrechtmatig heeft gehandeld door onjuiste kosten voor parkeerplaatsen en huurprijzen op te nemen, waardoor de optie tot voortzetting van de huurovereenkomst onterecht duurder werd voorgesteld dan de alternatieve locatie. Daimler betwist deze stellingen en benadrukt dat de GAP een intern document is dat uitsluitend de procedure binnen het concern bevestigt.
Het hof oordeelt dat er geen contractuele of buitencontractuele verplichting van Daimler jegens appellant bestaat om de cijfers in de GAP te controleren en dat de interne goedkeuring niet strekt tot bescherming van appellant. De huurovereenkomsten zijn rechtsgeldig beëindigd, en er was geen verplichting tot onderhandelingen over verlenging.
De stelling van kwade trouw door Daimler wordt verworpen wegens gebrek aan bewijs. Het hof vernietigt slechts het deel van het vonnis dat appellant veroordeelde tot betaling van hogere proceskosten dan de geliquideerde kosten en bekrachtigt het overige vonnis. Appellant wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en oordeelt dat Daimler niet onrechtmatig heeft gehandeld jegens appellant.