Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer 9013749 CV EXPL 21-385)
2.Waar gaat deze zaak over?
3.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met vier producties;
- de memorie van antwoord met producties 57 tot en met 65;
- de mondelinge behandeling op 8 november 2022, waarbij Zeeuwland spreekaantekeningen heeft overgelegd.
3.De beoordeling
- Uit de inhoud van de door Zeeuwland overgelegde klachtmeldingen, mutaties van de politie en de opnamen op de USB-stick blijkt zonder twijfel dat de door [appellante] veroorzaakte overlast langdurig, structureel en ernstig was. De naaste buren hebben langdurig door het gedrag van [appellante] en van degenen die zij in haar woning toeliet ernstige overlast en beperking van hun woongenot moeten verdragen. Dat al die klachtmeldingen niet waar zijn geweest en zouden berusten op of voortkomen uit een hetze van de buren tegen [appellante] neemt het hof, zo is hiervoor al overwogen, niet aan.
- Zeeuwland had en heeft tot taak om ook de belangen en het woongenot van de overige huurders/de buren van [appellante] te beschermen en die belangen en dat woongenot bij haar maatregelen tegen de door [appellante] veroorzaakte overlast te betrekken. Dat heeft Zeeuwland dan ook terecht gedaan. Daarbij heeft Zeeuwland, zoals blijkt uit de hiervoor in rov. 3.1.7, 3.1.8, 3.1.10 en 3.1.11 vermelde correspondentie, ook getracht om [appellante] bij het bereiken van een oplossing te betrekken en om zo met haar belangen rekening te (kunnen) houden. Uit die correspondentie en uit wat de wooncoach van Zeeuwland tijdens de mondelinge behandeling bij het hof onweersproken naar voren heeft gebracht, blijkt dat [appellante] aan die pogingen van Zeeuwland niet heeft meegewerkt. Zij verscheen (ondanks bij aangetekende brief verzonden uitnodiging) niet op afspraken of zei de afspraken af. Dit deed zij, terwijl Zeeuwland haar in de uitnodigingen en brieven duidelijk had gewezen op de mogelijke nadelige gevolgen van het niet meewerken door [appellante] voor haar positie als huurster van de woning. Daardoor heeft [appellante] zelf de mogelijkheid om tot een oplossing te komen van de problemen met de buren tegengewerkt. Dat Zeeuwland in die situatie en terwijl er sprake was van nieuwe meldingen van overlast, na het eindvonnis van de kantonrechter niet meer heeft willen meewerken aan mediation en niet meer mee is gegaan op het spoor van een gedragsaanwijzing voor [appellante] , kan haar naar het oordeel van hof niet verweten worden. De maat was op een bepaald moment gewoon vol.
- Duidelijk is ook voor het hof dat ontbinding van de huurovereenkomst grote gevolgen heeft (gehad) voor [appellante] en haar inwonende kinderen. [appellante] heeft door haar aanhoudende overlast veroorzakende gedrag en het afhouden van de pogingen van Zeeuwland om tot een onderlinge oplossing te komen, echter zelf ervoor gezorgd dat Zeeuwland, mede ter bescherming van de belangen van haar overige huurders, het huurcontract met [appellante] heeft laten ontbinden en de woning heeft doen ontruimen en dat [appellante] de woonruimte is kwijtgeraakt en nu geen vaste woonruimte meer heeft.
- Dat er sprake zou zijn van psychosociale problematiek bij [appellante] die mede haar gedrag zou hebben veroorzaakt, zoals tijdens de mondelinge behandeling namens de bewindvoerder is aangevoerd, is een omstandigheid die voor rekening en risico van [appellante] dient te blijven. Dit te meer, nu zij de pogingen en het hulpaanbod van Zeeuwland om de problemen op te lossen heeft genegeerd/afgewezen. Daarbij komt dat de overlast voor de omwonenden dermate chronisch en ernstig was, dat ook die namens de bewindvoerder aangevoerde omstandigheid bij de afweging van alle omstandigheden van het geval en van alle betrokken belangen, niet leidt tot het oordeel dat de ontbinding niet is gerechtvaardigd.
- Gelet op het voorgaande is het hof verder van oordeel dat het, anders dan de bewindvoerder heeft aangevoerd, niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is om de huurovereenkomst te ontbinden.