Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHSHE:2023:975

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
14 maart 2023
Publicatiedatum
24 maart 2023
Zaaknummer
200.272.095_01 H
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 31 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verbetering arrest inzake brand en verzekeringsgeschil over hennepkwekerij

In deze zaak ging het om een geschil tussen appellant en verzekeraar Interpolis over de uitkering onder een inboedelverzekering na een brand in een woning waar een hennepkwekerij op zolder was gevestigd. Tevens speelde de vraag of er sprake was van opzet tot misleiding van de verzekeraar door de verzekeringnemer. Het hof had op 31 januari 2023 een arrest gewezen waarin een kostenveroordeling was opgenomen.

Na het arrest bleek een kennelijke verschrijving te zijn geslopen in het dictum: de kostenveroordeling werd ten onrechte toegeschreven aan onderdeel 7.3, terwijl deze in onderdeel 7.4 stond. De advocaat van Interpolis bracht dit onder de aandacht van het hof, waarna appellant de gelegenheid kreeg hierop te reageren, maar hiervan geen gebruik maakte.

Het hof oordeelde dat sprake was van een duidelijke fout en besloot het arrest te verbeteren door de verwijzing in onderdeel 7.5 van het dictum te wijzigen van 7.3 naar 7.4. Deze verbetering werd op 14 maart 2023 in het openbaar uitgesproken en op de minuut van het arrest van 31 januari 2023 vermeld.

De uitspraak betreft daarmee een procedurele verbetering van een eerder arrest en bevat geen inhoudelijke wijziging van het oordeel over de onderliggende verzekeringsgeschilpunten.

Uitkomst: Het gerechtshof verbeterde een kennelijke verschrijving in het arrest van 31 januari 2023 door de verwijzing naar de kostenveroordeling te corrigeren.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Team Handelsrecht
zaaknummer 200.272.095/01
arrest van 14 maart 2023 strekkende tot VERBETERING in de zin van artikel 31 Rv Pro van het arrest, gewezen op 31 januari 2023
in de procedure in hoger beroep die bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch aanhangig is geweest tussen

[appellant] ,

wonende te [woonplaats] ,
appellant,
hierna aan te duiden als [appellant]
advocaat: mr. S.C. Leinders te Echt,
tegen:

Achmea Schadeverzekeringen N.V., h.o.d.n. Interpolis,

Gevestigd te [vestigingsplaats] ,
geïntimeerde,
hierna aan te duiden als Interpolis,
advocaat: mr. drs. J.E.G. Joosten te ‘s-Hertogenbosch.
Bij brief van 7 februari 2023 heeft mr. Joosten aan de griffier van het hof bericht dat in het hiervoor bedoelde arrest van 31 januari 2023 een kennelijke verschrijving is geslopen. Mr. Joosten verwijst daartoe naar het dictum onder 7.5. Daar staat:
“verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad wat betreft de onder 7.3 uitgesproken kostenveroordeling;”
Mr. Joosten wijst er in haar brief op dat de kostenveroordeling in het dictum onder 7.4 staat.
Bij brief van 16 februari 2023 is mr. Leinders in de gelegenheid gesteld zich binnen de daarin genoemde termijn van twee weken namens [appellant] uit te laten over het verzoek van mr. Joosten. Mr. Leinders heeft van die mogelijkheid geen gebruik gemaakt.
Het hof is van oordeel dat mr. Joosten terecht heeft geconcludeerd dat sprake is van een kennelijke fout. Het dictum van het arrest van 31 januari 2023 bevat onder 7.3 immers geen kostenveroordeling; het dictum bevat alleen onder 7.4 een kostenveroordeling. Het arrest van 31 januari 2023 bevat daarmee inderdaad de door mr. Joosten onder de aandacht gebrachte verschrijving.
Het hiervoor bedoelde arrest van 31 januari 2023 zal mitsdien op de volgende wijze worden verbeterd.
Het hof:
Bepaalt dat in onderdeel 7.5 van het dictum van het tussen bovenvermelde partijen gewezen arrest van 31 januari 2023 de verwijzing naar 7.3 moet worden verbeterd en gewijzigd in een verwijzing naar 7.4, zodat onderdeel 7.5 dient te luiden:
“verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad wat betreft de onder 7.4 uitgesproken kostenveroordeling;”.
Bepaalt dat deze verbetering onder vermelding van de datum van 14 maart 2023 wordt vermeld op de minuut van het arrest van 31 januari 2023.
Dit arrest is gewezen door mrs. P.W.A. van Geloven, B.E.L.J.C. Verbunt en M.E. Bruning en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 14 maart 2023.
griffier rolraadsheer