Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
substantieelanders was dan voorafgaande aan deze fotografische vastlegging van de inhoud van de afvalbak. Het hof komt tot die conclusie na vergelijking van de betreffende foto’s met de foto’s afgebeeld op p. 1492 van het dossier (foto’s DSC_0243.jpg en DSC_0245.jpg) en hetgeen daaromtrent door de verbalisanten in hetzelfde proces-verbaal overigens is gerelateerd, te weten het volgende:
‘Camerabeelden’op pagina 8, vierde alinea, na noot 24:
onzinhad uitgehaald en tegen zijn broer vertelde de verdachte dat hij een
groot fucking probleemhad. Na bij [betrokkene 1] te zijn verbleven, ging de verdachte naar een adres in [plaats 2] . De verdachte dook aldus gedurende ongeveer een maand na het strafbare feit onder.
“Informatie verdachte
,nu het hof het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert. Het hof zal daarbij bepalen dat gijzeling voor na te melden duur kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid niet opheft.
,nu het hof het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert. Het hof zal daarbij bepalen dat gijzeling voor na te melden duur kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid niet opheft.
,nu het hof het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert. Het hof zal daarbij bepalen dat gijzeling voor na te melden duur kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid niet opheft.
BESLISSING
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]
€ 17.500,00 (zeventienduizend vijfhonderd euro) ter zake van immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3]
€ 17.692,40 (zeventienduizend zeshonderdtweeënnegentig euro en veertig cent) bestaande uit € 192,40 (honderdtweeënnegentig euro en veertig cent) materiële schade en € 17.500,00 (zeventienduizend vijfhonderd euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2]
€ 17.500,00 (zeventienduizend vijfhonderd euro) ter zake van immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.