Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte 1] ,
Inleidende overwegingen
- verdachte [verdachte 2] , hierna: [verdachte 2] ;
- verdachte [verdachte 3] , hierna: [verdachte 3] ;
- verdachte [verdachte 1] , hierna: [verdachte 1] ;
- verdachte [verdachte 4] , hierna: [verdachte 4] ;
- verdachte [verdachte 5] , hierna: [verdachte 5] (niet in hoger beroep);
- verdachte [verdachte 6] , hierna: [verdachte 6] (niet in hoger beroep);
- getuige [getuige 1] , hierna: [getuige 1] ;
- getuige [getuige 2] , hierna: [getuige 2] .
Standpunt van de advocaat-generaal met betrekking tot het primair en subsidiair tenlastegelegde
Standpunt van de verdediging met betrekking tot het primair en subsidiair tenlastegelegde
Oordeel hof
- de aandacht waarmee de getuige zijn waarnemingen heeft gedaan, waarbij een grote impact of onbeduidendheid van de gebeurtenissen een rol kan spelen en de moeite die de getuige heeft gedaan om zijn waarnemingen te onthouden;
- objectieve factoren die te maken hebben met de persoon van de getuige, zoals fysieke belemmeringen van permanente of tijdelijke aard, slechthorend- of, slechtziendheid, een geestelijke stoornis of beperking en bijvoorbeeld drank- of drugsgebruik kunnen van invloed zijn;
- subjectieve factoren die een juiste waarneming en verklaring daarover in de weg kunnen staan, zoals eigen belangen van de getuige of belangen van anderen om een bepaalde verklaring af te leggen, dan wel de emotionele toestand waarin de getuige zich bevond tijdens de waarneming of het afleggen van zijn verklaring;
- tijdsverloop tussen het moment waarop de waarnemingen zijn gedaan en het moment waarop de getuige daarover voor het eerst een verklaring aflegt en of en in welke mate de herinnering van de getuige is vervaagd of is beïnvloed door informatie waarvan de getuige in de tussenliggende periode kennis heeft genomen.
- de mate waarin voor het getuigenverhoor bepaalde kwalificaties bij de verhoorder vereist en aanwezig zijn (bijv. een specifieke opleiding) en of de verhoorder dat tijdens het verhoor laat zien, zowel wat betreft eventueel vereiste (specialistische) voorkennis als wat betreft de wijze van uitvoering van het verhoor;
- of in het verhoor open of gesloten vragen, dan wel sturende vragen zijn gesteld en of er informatie aan de getuige is gegeven;
- of blijkt van enige vorm van vooringenomenheid bij degenen die het verhoor hebben afgenomen;
- als het een kwetsbare getuige betreft, of er passende maatregelen zijn getroffen;
- of de getuige is beëdigd of niet.
- sprake is van de hiervóór beschreven factoren die van invloed zijn op de betrouwbaarheid van de getuigenverklaring;
- de verklaring coherent is of tegenstrijdigheden bevat;
- de getuige consistent is in zijn verklaringen of op verschillende momenten verschillend verklaart;
- het bij dergelijke tegenstrijdigheden of inconsistenties gaat om details of om hoofdlijnen;
- en of er voor zulke tegenstrijdigheden of inconsistenties een begrijpelijke verklaring is. Een rol kan daarbij ook spelen of de verklaringen van de getuige globaal en kort of gedetailleerd en uitgebreid zijn en of deze bepaalde kenmerkende details bevat;
- de getuige pas na het afleggen van eerdere verklaringen is gekomen met bepaalde feiten en omstandigheden en of de getuige daarvoor een aannemelijke uitleg geeft;
- de getuige, in situaties waarin dat voor de hand lijkt te liggen, in staat blijkt meer gedetailleerd te verklaren over de gebeurtenissen en over de context waarin deze plaatsvonden;
- de verklaring op zichzelf aannemelijk kan zijn of al op het eerste gezicht verzonnen lijkt;
- de verklaring aansluit bij of kan worden ingebed in andere bewijsmiddelen en daarin steun vindt, en zo niet, of dat verklaarbaar is, en als dat verklaarbaar is, wat de aard en het gewicht is van die andere bewijsmiddelen in samenhang met de verklaring van de getuige. Onderzoeksresultaten die beschikbaar zijn gekomen na het afleggen van een verklaring, kunnen veel steun bieden aan die verklaring, zeker als het gaat om objectieve feiten waarop de getuige geen invloed kan hebben gehad.
- de getuige zich toetsbaar opstelt, bijvoorbeeld door de weg te wijzen naar nadere informatie of andere personen (van wie ook voldoende gegevens worden verstrekt) aan de hand waarvan een verklaring getoetst kan worden;
- wat de getuige opgeeft als zijn redenen om naar de autoriteiten te stappen en een verklaring af te leggen en of die redenen aannemelijk zijn;
- de getuige een oprechte en betrouwbare indruk wekt bij het afleggen van zijn verklaring, bijvoorbeeld wanneer deze met kritische vragen wordt geconfronteerd, onderdelen van zijn verklaring in twijfel worden getrokken of hij met nieuwe gegevens wordt geconfronteerd die zich slecht met zijn verklaring lijken te verdragen.
,nu het hof het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert. Het hof zal daarbij bepalen dat gijzeling voor na te melden duur kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid niet opheft.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden.
3 (drie) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
taakstrafvoor de duur van
180 (honderdtachtig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
90 (negentig) dagen hechtenis.
5 (vijf) jarenop geen enkele wijze – direct of indirect –
contactzal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum] .
teruggaveaan de verdachte van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten: 1 ‘gsm Apple’ en 1 ‘gsm iPhone’.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]
€ 5.850,21 (vijfduizend achthonderdvijftig euro en eenentwintig cent) bestaande uit € 850,21 (achthonderdvijftig euro en eenentwintig cent) materiële schade en € 5.000,00 (vijfduizend euro) immateriële schade, waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
€ 2.032,00 (tweeduizendtweeëndertig euro).
€ 5.850,21 (vijfduizend achthonderdvijftig euro en eenentwintig cent)bestaande uit € 850,21 (achthonderdvijftig euro en eenentwintig cent) materiële schade en € 5.000,00 (vijfduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.