AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Bevestiging rechtbankuitspraak over loonbegrip pseudo-eindheffing excessieve vertrekvergoeding
De inspecteur legde een naheffingsaanslag loonheffingen op aan belanghebbende vanwege de pseudo-eindheffing over een excessieve vertrekvergoeding aan een werknemer die onder de 30%-regeling viel. Belanghebbende maakte bezwaar en kreeg gelijk van de rechtbank, waarna de inspecteur hoger beroep instelde.
Het geschil betrof de vraag of vrijgestelde vergoedingen en verstrekkingen op grond van artikel 31, lid 1, onderdeel f, Wet LB in verbinding met artikel 31a, lid 2, Wet LB tot het loon in de zin van artikel 32bb Wet LB behoren. Het hof overwoog dat een strikt grammaticale uitleg van het loonbegrip zou leiden tot het opnemen van deze vrijstellingen, maar dat een wetsgeschiedenis- en wetssystematische uitleg dit uitsluit.
Het hof benadrukte dat de werkkostenregeling bedoeld is om vereenvoudiging te brengen en dat het opnemen van vrijgestelde vergoedingen in het loonbegrip voor pseudo-eindheffing dit doel zou ondermijnen. Ook ontbrak in de wetsgeschiedenis een aanwijzing dat de wetgever dit had beoogd. Het hof bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Daarnaast werd de inspecteur veroordeeld tot betaling van griffierecht en proceskosten aan belanghebbende. De uitspraak is gedaan door het hof 's-Hertogenbosch op 21 februari 2024.
Uitkomst: Het hoger beroep van de inspecteur wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Voetnoten
1.Artikel 31a, lid 2, onderdeel e, en lid 8, Wet op de loonbelasting 1964 (hierna: Wet LB).
2.Kamerstukken II 2007/08, 31459, nr. 3, p. 24.
3.Kamerstukken II 2007/08, 31459, nr. 6, p. 10-11 en
4.Kamerstukken II 2009/10, 32130, nr. 3, p. 10.
5.Kamerstukken II 2007/08, 31459, nr. 3, p. 24
6.Artikel 31, lid 1, onderdeel f, Wet LB.
8.Bijvoorbeeld onderdeel 3.2.3 van het Besluit van 11 december 2008, nr. 2018-28514.
9.Artikel 32bd (oud) Wet LB.
10.Kamerstukken II 2011/12, 33287, nr. 3.
11.Artikel 8:109, lid 1, aanhef en onderdeel c, en lid 2, Awb.
12.1 punt voor het verweerschrift en 1 punt voor het verschijnen op de zitting, zie Besluit proceskosten bestuursrecht.