Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
Dit zijn allemaal betalingen die door [rechtspersoon 1] zijn gedaan aan bedrijven die ons helemaal niets hebben geleverd. (…)”
3.Geschil en conclusies van partijen
4.Gronden
door tussenkomstvan een belastingplichtige, die handelt op eigen naam, maar voor rekening van een ander. In dit geval zijn de prestatie niet door tussenkomst van belanghebbende verricht, maar op eigen initiatief van [medewerker gemeente] , die als afnemer zelf het contact heeft gelegd met de leveranciers en de overeenkomsten heeft gesloten. De tussenkomst van belanghebbende in de facturering en betaling van deze prestaties kan hier niet aan afdoen, aangezien dit niet ziet op de totstandkoming van de prestaties, maar op de administratieve en financiële afhandeling van prestaties die al tot stand waren gekomen. Daarmee is het hof tevens van oordeel dat belanghebbende niet als afnemer van de leveranciers kan worden gezien en dat de prestaties direct aan [medewerker gemeente] zijn verricht. Dit brengt met zich dat belanghebbende geen recht op aftrek van voorbelasting heeft ten aanzien van de prestaties die door de leveranciers aan [medewerker gemeente] zijn verricht.
5.Beslissing
- verklaart het hoger beroep ongegrond;
- bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raadwww.hogeraad.nl.
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag.Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie
www.hogeraad.nl).