ECLI:NL:HR:1946:67
Hoge Raad
- Kort geding
- Nypels
- Meckmann
- van der Meulen
- van der Flier
- Losecaat Vermeer
- Rechtspraak.nl
Toewijzing spoedeisende voorziening ondanks onherstelbare gevolgen bij geschil over grondstoffenlevering
In deze zaak stond een geschil centraal over de uitleg van een contractuele clausule tussen een voormalig directeur en een naamloze vennootschap over de levering van grondstoffen, waaronder wijn. De directeur vorderde in kort geding dat de vennootschap hem 25% van de aan haar toegewezen grondstoffen zou leveren. De president van de rechtbank stelde een voorlopige voorziening in die de vennootschap tot levering verplichtte, onder de voorwaarde dat de directeur binnen een maand de zaak ten principale zou voortzetten.
Het hof vernietigde dit vonnis en wees de voorziening af, omdat de president naar het oordeel van het hof de rechtsverhouding tussen partijen in kort geding had vastgesteld, wat niet was toegestaan. De Hoge Raad oordeelde echter dat de president slechts een voorlopig oordeel had gegeven en daarmee niet de definitieve rechtsverhouding had vastgelegd.
De Hoge Raad benadrukte dat het feit dat de gevolgen van een kort geding voorziening onherstelbaar kunnen zijn, geen beletsel vormt voor toewijzing indien het spoedeisend karakter aanwezig is en een billijke belangenafweging dit rechtvaardigt. Het arrest van het hof werd vernietigd en de zaak werd terugverwezen voor verdere behandeling met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling met inachtneming van zijn arrest.